Forse geldboetes voor belasting- en premiefraude in Amsterdamse horeca

De rechtbank heeft afgelopen vrijdag vier verdachten behorende tot één familie veroordeeld tot geldboetes van 100.000 tot 500.000 euro voor belasting- en premiefraude in georganiseerd verband en witwassen. De hoofdverdachte kreeg een gevangenisstraf van 10 maanden. De familie baatte op het Amsterdamse Damrak en omgeving een flink aantal horeca-gelegenheden uit waaruit grootschalige fraude werd gepleegd en waarbij op verschillende manieren de belasting is ontdoken.

Administraties vervalst

In 2002 vond een onderzoek naar belasting-en premiefraude plaats naar de hoofdverdachte. Hij heeft daarna volgens de rechtbank zijn familieleden op de voorgrond geplaatst door hen bestuurders te maken van de hotels en restaurants. Zelf bleef hij echter achter de schermen leiding geven. Ook daarna is hij samen met zijn zoon en andere familieleden doorgegaan met het plegen van fraude.

De administraties werden vervalst en grote delen van de omzet verdwenen naar bankrekeningen in Luxemburg. De zoon van de hoofdverdachte trad namens vader op. Hij stuurde de hoteldirecties aan en kwam zelf wekelijks in de hotels de contante betalingen ophalen. Grote sommen geld zijn in contanten naar een Luxemburgse bank overgebracht en dus witgewassen.

Zwartwerkers

Het in het zwarte circuit brengen van omzet ging gepaard met zwartwerkers. Hun loon werd geheel of ten dele zwart uitbetaald. Ook werden dienstverbanden geheel verzwegen. Als gevolg van de fraude werd te weinig belasting en te weinig premie betaald.

De samenwerking van verdachten in combinatie met de door hen bestuurde rechtspersonen beoordeelt de rechtbank als een criminele organisatie. De rechtbank ziet verdachten als feitelijke leidinggevers.

Strafvermindering

De zaak die begonnen is met grootschalige doorzoekingen in 2004 mondt pas nu uit in de uitspraken van de rechtbank. Een groot deel van het tijdsverloop is te wijten aan de afhandeling van de rechtshulpverzoeken aan Luxemburg en vooral de bezwaarprocedures die door drie verdachten  daartegen zijn gevoerd. Dat tijdsverloop telt de rechtbank niet mee voor deze verdachten.

Andere vertragingen – zoals een vol rooster van de rechtbank – leiden tot strafvermindering.

De rechtbank rekent het de hoofdverdachte extra zwaar aan dat hij zijn achttien jarige zoon heeft aangezet tot het plegen van ernstige strafbare feiten voor eigen financieel gewin.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF