Beroep op niet-ontvankelijkheid OM verworpen: strafvervolging na overtreden collectieve horecaontzegging mogelijk

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 17 februari 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:570

Ten laste van de verdachte is bewezen verklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan lokaalvredebreuk. Ondanks het feit dat hij wist dat hij niet meer welkom was in horecagelegenheden te Sittard en Geleen, heeft hij toch een café betreden. 

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Recordaantal prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie

Het afgelopen jaar werd gekenmerkt door een aanhoudend hoge werkdruk bij het Hof van Justitie van de Europese Unie. Zo is het totale aantal zaken die in 2016 zijn afgesloten op een hoog niveau gebleven (1 628 zaken).

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Leestip: Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van art. 2:9 BW en art. 6:162 BW

Naar aanleiding van arresten van de Hoge Raad over bestuurdersaansprakelijkheid ontstaan vragen over het criterium ‘ernstig verwijt’ en hoe dit zich verhoudt tot aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad in Boek 6 BW. Deze uitgave biedt nieuwe inzichten in de regels voor bestuurdersaansprakelijkheid en de invulling daarvan door de Hoge Raad.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Strafvorderlijk belang bij voortduring van het beslag per inbeslaggenomen stuk duidelijk maken?

Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:232

De Officier van Justitie heeft aangevoerd dat de onder de klaagsters inbeslaggenomen stukken kunnen dienen om de waarheid aan het licht te brengen in het strafrechtelijk onderzoek tegen een van de verdachten in dat onderzoek. In de overwegingen van de Rechtbank ligt als haar oordeel besloten dat het Openbaar Ministerie het strafvorderlijk belang bij voortduring van het beslag onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt, nu niet per inbeslaggenomen stuk is duidelijk gemaakt in hoeverre het dienstig zou kunnen zijn aan het aan het licht brengen van de waarheid of om wederrechtelijk verkregen voordeel aan te tonen.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Bezwaar tegen afwijzing RC alle verzochte getuigen in ontnemingsprocedure: niet-ontvankelijkheid nu ontnemingsprocedure niet op zichzelf staande procedure vormt. Niet RC maar zittingsrechter bevoegd.

Rechtbank Den Haag 14 februari 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:1277

De ontnemingsprocedure vormt niet een op zichzelf staande procedure, maar is een aanhangsel van de strafvervolging en moet worden gezien als een van de aanvankelijke strafvervolging afgesplitste procesgang. Daarom is niet de rechter-commissaris maar de zittingsrechter (ex artikel 316 Sv) bevoegd te beslissen op het verzoek. Tegen een onbevoegd gegeven beslissing van de rechter-commissaris staat geen bezwaar open. Dit leidt ertoe dat de rechtbank bezwaarde niet-ontvankelijk zal verklaren in zijn bezwaar.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Artikel: Tussen ethiek en wet: een derde weg

De maatschappelijke opvattingen over tax planning door multinationals zijn veranderd. In de fiscale literatuur zijn in dit kader twee oplossingsrichtingen genoemd: een benadering vanuit de wet (er moe ten betere regels komen) en een ethische benadering (bedrijven moeten zich ethisch gaan gedragen). Deze bijdrage schetst een ‘derde weg’ tussen deze twee benaderingen in, die uitgaat van de interactie tussen de individuele belastingplichtige en de maatschappij. Deze benadering, die zich tot op zekere hoogte laat verenigen met beide andere opvattingen, biedt aanknopingspunten voor een multinational om zijn positie te bepalen.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Geobjectiveerd bestanddeel staat niet in de weg aan beroep op AVAS

Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:231

Het Hof heeft terecht geoordeeld dat in art. 362, eerste lid, (oud) Sr het bestanddeel 'ambtenaar' is geobjectiveerd zodat opzet of schuld ten aanzien van dat bestanddeel niet behoeft te worden bewezen.Blijkens zijn overweging heeft het Hof echter miskend dat in dit verband de mogelijkheid van een beroep op de strafuitsluitingsgrond afwezigheid van alle schuld, bijvoorbeeld in de vorm van verontschuldigbare onbewustheid van het zijn van ambtenaar, niet is uitgesloten.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Veroordeling boekhouder vanwege verduistering in dienstbetrekking van 1,6 miljoen: geen schademaatregel nu benadeelde een B.V. is die in staat moet zijn zelf tot incasso over te gaan

Rechtbank Rotterdam 10 februari 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:1142

Aan het opleggen van de schadevergoedingsmaatregel ligt de gedachte ten grondslag om de benadeelde (meestal een natuurlijk persoon) het innen van het aan hem verschuldigde uit handen te nemen. Nu de benadeelde partij een B.V. betreft die in staat moet worden geacht zelf, waar benodigd, tot incasso over te gaan, ziet de rechtbank af van het opleggen van de maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Witwassen & omzetten van geldbedragen

Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:228

Het Hof heeft vastgesteld dat de verdachte de genoemde geldbedragen van de ene naar de andere bank heeft "geschoven" en dat hij in de periode die is vermeld in de bewezenverklaring onder feit 1, het geld contant heeft opgenomen en het op een op naam van zijn zoon staande bankrekening heeft gestort. Gelet hierop getuigt het oordeel van het Hof dat de verdachte de genoemde geldbedragen heeft omgezet als bedoeld in art. 420 bis, eerste lid aanhef en onder b, Sr, niet van een onjuiste rechtsopvatting. 

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF

Artikel: It takes two to tango. De prejudiciële verwijzingsdans tussen het Europees Hof van Justitie en nationale rechters

De prejudiciële verwijzingsprocedure maakt het voor de nationale rechter mogelijk vragen te stellen aan het Europese Hof van Justitie in Luxemburg over de uitleg en geldigheid van het unierecht. Bij het functioneren van de prejudiciële procedure worden in de literatuur kanttekeningen geplaatst. Deze betreffen het besluit van de nationale rechter om al dan niet door te verwijzen en de inbedding van de uitspraak van het HvJ EU door de nationale rechter.

Read More
Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF