Ook in hoger beroep celstraf voor fraude met paardenvlees

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 15 maart 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:1017

Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft vandaag in hoger beroep een 49-jarige man veroordeeld tot een celstraf van 20 maanden. Net zoals de rechtbank Oost-Brabant vindt het hof bewezen dat de man als baas van twee bedrijven heeft gefraudeerd. Hij vervalste facturen, pakbonnen en schriftelijke verklaringen en gebruikte die valse documenten bij de handel in vlees.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voormalig bestuurder van thuiszorginstelling voor feitelijk leidinggeven aan oplichting, valsheid in geschrift en gewoontewitwassen (zorgfraude)

Gerechtshof Amsterdam 13 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:456

De verdachte heeft als directeur van een thuiszorgorganisatie tenminste gedurende drie jaar op structurele en listige wijze zorgverzekeraar Agis opgelicht, waarbij zijn eigen financieel gewin blijkbaar allesbepalend was. Dit heeft de verdachte gedaan door jarenlang onjuiste gegevens bij Agis in te dienen. De verdachte heeft de daadwerkelijk gemaakte en aan onderaannemers betaalde zorguren fictief opgehoogd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor verduistering in dienstbetrekking: Toewijzing vordering tot schadevergoeding in verband met gemaakte onderzoekskosten

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 25 februari 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:653

De gemaakte onderzoekskosten zijn – anders dan in eerste aanleg – middels een specificatielijst onderbouwd en voldoende gespecificeerd, mede gelet op de toelichting ter terechtzitting in hoger beroep. Het hof is van oordeel dat het gaat om redelijke kosten ter vaststelling van door handelen van de verdachte veroorzaakte schade – al wordt de omvang van die schade niet in dit strafgeding vastgesteld – en zal daarom de vordering tot schadevergoeding betreffende de gemaakte onderzoekskosten van bedrijf 1 – een bedrag van €26.014,50 – toewijzen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verzoek tot kennelijke niet-ontvankelijkheid van vorderingen benadeelde partijen gelet het grote aantal vorderingen en de te verwachten complicaties bij beoordeling

Gerechtshof Amsterdam 25 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:604

Namens de verdachten is het verzoek gedaan dat het hof toepassing zal geven aan zijn bevoegdheid om de benadeelde partijen in dit stadium van de strafprocedure kennelijk niet ontvankelijk in hun vorderingen te verklaren. Daartoe is in de kern aangevoerd dat er sprake is van een groot aantal vorderingen. Dit gegeven, bezien in samenhang met, naar de mening van de verdediging, te verwachten complicaties bij de beoordeling van de vorderingen, moet reeds nu leiden tot de slotsom dat de behandeling en beoordeling van de vorderingen van de benadeelde partijen een onevenredige belasting van het strafgeding zullen opleveren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor opzettelijk niet (tijdig) betalen van belasting (art. 69a AWR) zonder oplegging van straf. Overwegingen hof over reikwijdte van de bepaling.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 13 februari 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:1244

Zoals in de memorie van toelichting is verwoord, is de invoering van artikel 69a AWR bedoeld om belastingfraudeurs strafrechtelijk te kunnen vervolgen en bestraffen. Het artikel heeft een brede reikwijdte, die in beginsel alle belastingschuldigen die (tijdelijk) niet kunnen betalen, kan treffen. De wetgever heeft dat onderkend en de strafbaarheid van niet-betalen willen beperken.

Read More
Print Friendly and PDF ^